Workshop 4 ‘Afvallogistiek’

Grofvuil, gft, bouwafval, papier en plastic. We produceren een hoop afval met z’n allen en dat moet opgehaald en afgevoerd worden. Logistiek speelt daarin een cruciale rol. Hoe kunnen we deze logistiek optimaliseren? En wat zijn de verwachtingen van klanten, de gemeente en betrokken bedrijven? Een workshop van Ton Mooren van EVO.

Afval steeds vaker grondstof

Mooren begint zijn workshop met wat goed nieuws: het aanbod van afval neemt de afgelopen jaren niet meer toe. En ook: afvalleveranciers worden steeds vaker producenten van grondstoffen. Een mooie basis om verder te praten over innovatie en duurzaamheid in de afvalbranche.

Vrije marktwerking in de afvalbranche

Mooren legt de deelnemers enkele stellingen voor. De eerste stelling luidt: ‘Vrije marktwerking in de afvalbranche pakt (zeer) negatief uit voor de efficiency in de logistiek.’ De stelling lijkt veel los te maken bij de aanwezigen. Zo hekelt een van de deelnemers dat al het afval in de stad apart opgehaald wordt. Doordat bedrijven zich inschrijven op één aanbesteding, bijvoorbeeld voor het ophalen van papier, wordt ieder type afval door een andere partij vervoerd. Dat zorgt voor veel verkeer. Een andere deelnemer merkt op dat het daarentegen ook niet mogelijk is om al het verschillende afval bij elkaar in één wagen te gooien. Het is een noodzakelijk kwaad dat meerdere voertuigen de stad in gaan om afval te verzamelen.

CO2-taks

‘Als je het aan de markt overlaat, gaat het in ieder allemaal te langzaam om te innoveren’, stelt een van de deelnemers. ‘Een CO2-taks zou helpen de afvallogistiek te optimaliseren en verduurzamen. Dan is het heel simpel: de vervuiler betaalt.’ Ook andere deelnemers zien wel brood in (meer) regelgeving. Maar dan moet het beleid wel consistent zijn.

Hoopvolle signalen

Maar behalve meer regels, verandert ook de markt langzamerhand van houding. Er zijn hoopvolle signalen. Zo waren transporteurs enkele jaren geleden mordicus tegen het verladen van goederen aan de rand van de stad. En nu gebeurt het toch. ‘Misschien is het niet wenselijk voor alle sectoren’, zegt een van de aanwezigen, ‘maar het kan dus wel.’