cases

Werken aan vertrouwen voor omslag naar elektrisch 

Hoe krijgen transportbedrijven het vertrouwen dat grootschalige investeringen in elektrisch vervoer op den duur rendabel zijn. Wat is ervoor nodig dat ze die omslag durven te maken? Het project Flex EV moet de komende jaren dat vertrouwen flink vergroten. Martijn de Man van Pitpoint EV licht toe.

Momenteel zijn er niet meer dan 2500 elektrische bestelbussen en vrachtwagens op de Nederlandse wegen te vinden. Dit aantal moet fors omhoog als in 2025 steden ‘zero emissie’ bevoorraad moeten worden. Verschillende steden denken aan het instellen van zero-emissie- zones om zo de luchtkwaliteit te verbeteren en de CO2-uitstoot te verminderen. Het project ‘Flex EV – Flexibele elektrische pakket- en onderhoudslogistiek regio Rotterdam’ moet daar een belangrijke bijdrage aan leveren.

Bijna twee miljoen subsidie

Het is een project waar vijf partijen de schouders onder zetten: Pitpoint EV, DHL International, Roadrunner Koeriersdiensten, Emoss Mobile Systems en TNO. Ze hebben vanuit de regeling DKTI (zie hieronder) een subsidiebedrag van zo’n 2 miljoen euro gekregen om ‘operationele omstandigheden te creëren’ waardoor vervoerder het vertrouwen krijgen dat investeren in elektrisch lonend is.

Martijn de Man, projectontwikkelaar bij schone-brandstoffen-leverancier Pitpoint, legt uit wat dit praktisch betekent. ‘We werken in dit project samen met twee pakketbezorgers, DHL en Roadrunner Koeriersdiensten. DHL heeft in Rotterdam zo’n dertig voertuigen rondrijden. Als  DHL Rotterdam volledig zero emissie wil bevoorraden, is de actieradius van de huidige elektrische bestelbus onvoldoende. Om bijvoorbeeld het havengebied te kunnen beleveren, zullen sommige busjes tijdens de ritten extra moeten opladen. Er moeten dus voldoende snellaadmogelijkheden komen. Dat is nu nog niet het geval. Daarom moet er een (snel)laadpunt komen in Rotterdam-Zuid. We kijken momenteel naar een geschikte plek in de buurt van de A15 voor zo’n hub. Ook andere transporteurs moeten daar op den duur gebruik van kunnen maken.’

Voldoende laadcapaciteit

Door zo’n snellaadhub krijgen de transporteurs de mogelijkheid om te variëren tussen twee soorten opladen voor hun bestelbussen: opportunity charging (snelladen als het echt nodig is; hoog vermogen) en overnight charging (voertuigen gaan dan ’s nachts aan de stekker; dit gebeurt op het eigen depot van de vervoerders met laag vermogen). De projectpartijen kijken daarbij goed naar de combinatie van openbare (snel)laadpunten en ’s nachts opladen op de eigen locatie. En ook naar wat voor vervoerders de meest effectieve combinatie is. De Man: ‘Een grote uitdaging bij dit project is dat de snellaadcapaciteit goed beschikbaar is. Dus op  momenten dat dit voor vervoerders goed in een route past, bijvoorbeeld door reservering. Maar ook dat ze er goed gespreid over de dag gebruik van maken. Het is niet de bedoeling dat er ’s ochtends tien busjes tegelijkertijd willen laden en dat er ’s middags maar een enkel busje aan de stekker wil. Dat is dus een logistieke opgave.’  

De hub moet in de eerste maanden van komend jaar gereed zijn. Daarna wordt deze uitgebreid getest, gedurende een periode van een jaar.  

 www.pitpoint.nl

 

 

Subsidieregeling

De subsidie die in dit artikel is genoemd, komt voort uit de ‘Demonstratieregeling Klimaattechnologieën en Innovaties in Transport (DKTI)’. Deze regeling bestaat sinds vorig jaar en loopt tot en met 2021.

Twee andere Rotterdamse initiatieven hebben ook met succes een beroep gedaan op deze subsidieregeling, namelijk ‘E-Concrete 2010. Elektrified Concrete Transport Rotterdam’ (ontwikkeling van elektrische betonmixer) en ‘Haalbaarheid Zero Emissie Stadslogistiek Rotterdam’. Op Logistiek010/cases kunt u meer lezen over deze projecten.  

De eerste ronde van de subsidieregeling is eind vorig jaar gesloten; een nieuwe subsidieronde volgt. Als de looptijd van deze tweede ronde bekend is, dan kunt u dit lezen op www.rvo.nl/subsidies-regelingen/DKTI-Transport